H. Juliana van Cornillon

Uit Parwiki

Ga naar: navigatie, zoeken
H. Juliana van Cornillon, Hoofdaltaar St. Jozefkerk

H. Juliana van Cornillon
Juliana van Cornillon (ook van Luik)
kloosterzuster en mystica en het feest van Sacramentsdag


Leven en zending

Juliana werd rond 1192 te Rétinne bij Luik geboren. Toen ze op haar vijfde jaar haar beide ouders verloor, werd zij vanaf dat moment opgevoed door de zusters kanunnikessen met de regel van Augustinus, in het klooster op de Corneliusberg (= Cornillon) vlakbij Luik. Zij werd er uiteindelijk ook zelf zuster en in 1222 werd ze priorin. Zij was bevriend met de Z. Eva van Luik. Samen spanden zij zich in voor de verbreiding van de devotie tot het Heilig Altaarsacrament en de invoering van het sacramentsfeest.
Op een dag (waarschijnlijk in 1212) ontving ze tijdens haar gebed een visioen: zij zag de maan met een hap eruit of streep erdoor. Pas na twee jaar begreep zij de betekenis ervan: de maan was de Kerk, waaraan nog iets heel belangrijks ontbrak: een feestdag ter ere van het Heilig Altaarsacrament. Mede door toedoen van Juliana en Eva is dit feest er tenslotte ook gekomen.
Het feest werd ingevoerd voor het bisdom Luik in de zomer van 1246 onder bisschop Robert van Thorote (1240-1246), die echter overleed voor hij het verplicht kon stellen voor het hele bisdom. Het ging echter niet verloren door de inzet van kardinaal Hugo van Sint-Cher (ook Sint-Caro), een Dominicaan die in 1244 kardinaal werd en in 1251 pauselijk gezant in het Duitse Rijk werd. Deze kwam in deze functie ook in Luik waar hij kennis nam van dit voorgenomen feest en het invoerde in de parochie van Saint Martin op het einde van 1251 en het aanbeval aan het hele bisdom. In december 1251 was hij in Keulen waar ook zijn medebroeder de H. Thomas van Aquino vertoefde en Jacob Pantaleon van Troyes, de aartsdiaken van Luik. Op het einde van het jaar wordt het feest door de legaat ingesteld voor alle gebieden waarvoor hij bevoegd was, een groot deel van het Duitse Rijk en daarbuiten.
Door het verzet van de wereldse bisschop Hendrik van Gelre (1247, afgezet door concilie van Lyon in 1274) en de opstand tegen hem, die toen op zijn hoogtepunt was, bleef dit decreet in het Luikse dode letter.

Intussen was er in het naburige mannenklooster een nieuwe prior die geen gelegenheid onbenut liet om Juliana te beschuldigen van schijnheiligheid. Hij verzette zich tegen de strenge leefregel die zij wilde invoeren voor de zustergemeenschap. Tot tweemaal moest zij vluchten. Tijdens de tweede vlucht (in 1248) trok zij, met vier andere zusters, naar het cisterciënzerinnenklooster van Salzinnes (Namen). Toen Namen belegerd werd en het klooster geplunderd werd, trok zij zich terug in de eenzaamheid van de abdij van Fosse, waar zij in de vroegere kluis van kanunnik Jan van Lausanne mocht wonen. Zij was ziek en stierf op 5 april 1258. Zij werd begraven in de abdij van Villers-la-Ville, maar haar resten zijn tijdens de Franse revolutie verdwenen. Zij werd heilig verklaard in 1869.
Het feest van de H. Juliana is op 5 april.

Sacramentsdag

Na de eerste mislukte poging om het feest in te vieren door Robert van Thorote en de poging van Hugo van St. Cher bevestigde de nieuwe pauselijke legaat kardinaal Petrus Capocci op 30 nov. 1254 het decreet van zijn voorganger Hugo.
Uiteindelijk kwam het feest van Sacramentsdag er toch m.n. door toedoen van aartsdiaken Jacques Pantaleon uit Laon. Deze was een oude bekende van Robert van Thorote die toen hij in 1240 bisschop van Luik werd hem tot aartsdiaken aanstelde. Zijn opdracht bestond erin parochies te bezoeken, wantoestanden te bestrijden en hervormingen door te voeren. Hij was een bekwaam man en werd in die tijd ook al met een aantal pauselijk opdrachten naar Polen en Pruisen gestuurd. Na de dood van bisschop Robert van Thorote vertrok hij terug naar Laon in 1249 waar hij ook aartsdiaken werd. In 1255 werd hij benoemd tot patriarch van Jeruzalem, maar kon daar niet lang blijven ten gevolge van de penibele situatie van de kruisvaarders. Terug in Italië werd hij in 1261 met eenparigheid van stemmen gekozen tot paus Urbanus IV. In 1264 voerde hij het feest van Sacramentsdag in voor de hele kerk. De H. Thomas van Aquino schreef het officie (officiële gebeden) voor dit feest en componeerde de liederen Tantum Ergo en Adoro Te Devote.

Persoonlijke instellingen