Plaatsing hoofdaltaar St. Augustinuskerk

Uit Parwiki

Ga naar: navigatie, zoeken
Video-verslag in zes delen van het plaatsen van het hoofdaltaar door onze vrijwilligersgroep, zomer 1998.







Hoofdaltaar St. Augustinuskerk


De originele tekst bij de videoband uit 1998
Sint Augustinus en zijn kerk.

Het nieuwe altaar van de St. Augustinuskerk te Elsloo
(31 juli - 20 augustus 1998)
video: René van Hees
commentaar: pastoor H. Achten
duur: ca 67 minuten

Het nieuwe hoofdaltaar van de St. Augustinuskerk werd tussen 31 juli en 20 augustus 1998 door een dertigtal vrijwillig(st)ers o.l.v. pastoor Achten gehaald uit de leegstaande Awwe Stiene kerk (St. Jozefkerk) aan de Kesselkade in Maastricht. Het werd gedemonteerd, schoongemaakt, behandeld tegen houtworm, gerestaureerd (behalve het doek) en opnieuw opgebouwd. Het altaar is oorspronkelijk gebouwd voor de parochiekerk van Berlicum in 1847 (indien de inscriptie op de achterzijde klopt) zeer waarschijnlijk door atelier Gebr. de Cuyper. In 1932 is het verplaatst naar Maastricht. Het doek van Godefridus Maes uit 1696 wordt geflankeerd door St. Norbertus en St. Augustinus. Bovenin wordt het mysterie van de H. Drievuldigheid uitgebeeld.

De vrijwilligers en vrijwilligsters die dit mogelijk gemaakt hebben door meer dan 4000 uur vrijwillige inzet. In april 1998 werden voorbereidende werkzaamheden gedaan: doopvont omgezet, kruiswegstaties hoger gehangen i.v.m. geplande lambrisering, schilderijen op het oksaal gehangen, het houtwerk van het orgel, preekstoel en communiebank opgeknapt.... Op maandag 20 juli 1998 werd een begin gemaakt met het egaliseren van de vloer op het priesterkoor van de St. Augustinuskerk. Op vrijdag 31 juli werd in Maastricht de steiger opgezet om het altaar te demonteren. Op woensdag 5 augustus was alle materiaal in 6 vrachten per vrachtwagen naar Elsloo overgebracht. Op donderdag 20 augustus werd hier het werk voltooid. Voor het nageslacht mag gememoreerd worden dat alle medewerkers en medewerksters het een leuke klus gevonden hebben en trots zijn op bet resultaat van hun werk,

Persoonlijke instellingen